Mijn eerste reactie toen ZINGmagazine mij vroeg om de solo te gaan doen was lichte paniek. “DE SOLO?!?” Ik voelde mijn handen klam worden. “O, de collumn! Pfff… Ja natuurlijk, leuk!” liet ik er na de toelichting zichtbaar opgelucht op volgen.

Door mijn primaire reactie moest ik ook onmiddellijk denken aan de talloze audities en stemtesten die ik als koordirigent af heb genomen. Voor velen reden voor hartkloppingen en klamme handen… Zó herkenbaar!

Toen ik tien jaar oud was begon ik mijn muzikale carrière op electronisch orgel. Ik speelde heel aardig -het instrument bracht me op het conservatorium- maar de verplichte voorspeelavond op de muziekschool was een drama. Een zaal vol publiek. En de enige die speelde was ik. Twee eindeloze minuten lang. Ik was tien en leerde hoeveel fouten je in twee minuten kunt maken…

Tien jaar later kwam dat als een déjà vu op het conservatorium terug. Ik had klassiek zang als bijvak. Een héérlijk vak, maar één nadeel: het onvermijdelijke examen was openbaar. Met zichtbaar trillende knieën heb ik me er doorheen geslagen, tot verbazing van mijn docent.

Maar alles veranderde toen ik een jaar of tien geleden een kerstconcert van een musicalvereniging dirigeerde. Ik viel in voor een zieke collega die een conservatoriumstudent als solist had geregeld. De repetitie verliep uitstekend. Maar al in de eerste helft van het concert maakte de solist talloze onverwachte fouten. Te late inzetten. Verkeerde noten. De spanning was om te snijden…

Gelukkig, het laatste nummer. Ik zie het nog zó voor me: ik zet in, het koor begint en de solist volgt halverwege. Ik kijk naar het koor en ontwaar een vreemde spanning in de ogen van de koorleden, maar ik kan het niet goed plaatsen. Tot ik acht maten voor haar inzet oogcontact met de solist zoek.

De solist? WAAR IS DE SOLIST?!?

Ik kijk verbaasd om me heen, maar ze was er echt niet meer, ze kon de spanning niet aan. Die avond leerde ik hoe snel je in gedachten alle opties kunt overzien. Een paar maten later draaide ik me om en zong foutloos de sterren van de hemel. Ik voelde de opluchting van de zangers achter me, die als één geheel met meeademde. Het luid applaudiserende publiek dacht dat het zo helemaal de bedoeling was.

Sindsdien ben ik mijn angst voor solo’s zo goed als kwijt, maar nog altijd sta ik veel liever gewoon op de bok. Vandaaruit laat ik mijn koorleden en solisten graag stralen. En iedere keer als ik weer een stemtest afneem, kijk ik de zanger eerst even aan en voel het klamme zweet al in hun handen. Ik weet precies hoe ze zich voelen en stel ze eerst even op hun gemak.

Zingen is immers gewoon leuk, geniet ervan!

Deze blog is gepubliceerd als column in ZINGmagazine